Terug naar al het laatste nieuws
Laatste nieuws

‘Laat kinderen twee keer per dag een half uur bewegen’

De helft van de kinderen beweegt te weinig, concludeerde het CBS in juni 2018. Terwijl bewegen gezond is en cognitieve functies stimuleert.

Daarom pleiten de Nederlandse Sportraad, de Onderwijsraad en de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving ervoor om kinderen minimaal twee keer per dag een half uur te laten bewegen. Gezamenlijk overhandigen zij dit advies aan minister-president Mark Rutte.

De argumenten daarvoor beschrijven de raden in het gezamenlijk advies Plezier in bewegen, dat de drie voorzitters van de raden dinsdag 10 september aanbieden aan minister-president Mark Rutte.

Vanzelfsprekend
De raden richten zich in hun advies tot scholen, maar ook tot kinderopvangorganisaties. “Sport en beweging hoort een vanzelfsprekend en integraal onderdeel te zijn van het onderwijs dat erop gericht is leerlingen te kwalificeren (voorbereiden op werk of een vervolgopleiding), te socialiseren (leren omgaan met elkaar) en te vormen (persoonsvorming)’’, stellen de raden in hun advies. Daarbij is een of twee uur bewegingsonderwijs per week niet voldoende.

Drie adviezen
Daarom geven de raden de volgende drie adviezen:

Verscherp de wettelijke opdracht aan scholen en houd toezicht op deze opdracht
Om kansenongelijkheid tegen te gaan vinden de raden dat op iedere school een minimale basis aan sporten en bewegen moet worden geboden. De raden adviseren om kinderen minimaal twee keer per dag een half uur matig intensief te laten sporten en bewegen.

Verruim de mogelijkheden voor de inzet van personeel en benut inspirerende praktijkvoorbeelden
De raden stellen dat het van belang is dat het bewegingsonderwijs altijd onder verantwoordelijkheid van een bevoegde vak- of groepsleerkracht wordt gegeven. Zij bevelen aan om vakleerkrachten te “delen” tussen kinderopvangcentra, scholen en binnen gemeenten.

Geef lokale samenwerking vorm en borg dit onder gemeentelijke regie
Het derde advies van de raden: richt beweegteams op. Zij roepen op dat de kinderopvang, scholen, bedrijven en maatschappelijke organisaties structurele samenwerking met elkaar aangaan, om het beweegonderwijs te bevorderen.

Samenwerking
Er ligt ook een advies bij gemeenten om de samenwerking met onder andere de kinderopvang te zoeken: “Gemeenten zullen actief de samenwerking met andere partijen moeten opzoeken. Denk aan overleg met de kinderopvang en de peuterspeelzaal of overleg tussen schoolbesturen onderling omwille van doorlopende leerlijnen.’’

Kansenongelijkheid
De onderwijsinspectie is bang dat de grote verschillen tussen scholen en kinderopvang in de aandacht die zij geven aan sporten en bewegen, zullen leiden tot kansenongelijkheid. “Sport en beweging hoort een vanzelfsprekend en integraal onderdeel te zijn van het onderwijs dat erop gericht is leerlingen te kwalificeren (voorbereiden op werk of een vervolgopleiding), te socialiseren (leren omgaan met elkaar) en te vormen (persoonsvorming).’’

Hoorzitting
Dinsdagmiddag 10 september is er een hoorzitting over het advies. Dan zal er mogelijk meer informatie beschikbaar zijn over hoe de politiek het onderwerp oppakt en welke vervolgstappen genomen worden.