Terug naar al het laatste nieuws
Laatste nieuws

Tips: Hoe ga je om met schermtijd?

Kinderen brengen meer tijd achter schermen door dan dat zij buiten spelen met hun vriendjes, blijkt uit onderzoek. Hoe kun je als professional verantwoord omgaan met schermtijd en deze als het nodig is reduceren? Pedagoog Krista Okma geeft tips.

Steeds vaker en steeds langer zitten kinderen achter een beeldscherm, zoals een telefoon en tablet. Uit onderzoek door cyberbeveiliger Norton, onder 7.000 mensen in tien verschillende landen, blijkt dat kinderen gemiddeld ruim twee en een half uur per dag doorbrengen achter een scherm, terwijl ze net geen twee uur per dag buitenspelen.

 

 

 

Buitenspelen

Terwijl dat buitenspelen juist zo belangrijk is, benadrukt pedagoog Krista Okma. ‘Het klopt dat de schermtijd steeds verder toe neemt en je kunt je tijd maar een keer besteden, dit gaat dus automatisch af van andere activiteiten. Vooral jonge kinderen leren nog maar weinig van een scherm en vooral van dingen in de buitenwereld: hoe dingen ruiken, voelen, bewegen. Bovendien is het ook belangrijk dat ze genoeg slapen om alle indrukken van een dag te verwerken. Het is dus belangrijk dat de tijd op een scherm goed in balans is met de tijd dat kinderen in de ‘echte wereld’ spelen en ontdekken.’

 

 

 

Vaardigheden

Juist in de ‘echte wereld’ leren kinderen essentiële vaardigheden. ‘Hoe je dingen kunt delen, samen kunt spelen, ruzie maakt, het ook weer oplost, hoe het eruit ziet als iemand boos kijkt of verdrietig, dat je elkaar dan kunt troosten. Allemaal heel belangrijke vaardigheden waar kinderen nu en straks niet zonder kunnen. Van het maken van een echte puzzel of spelen met een blokkendoos ontwikkelen kinderen hun motoriek, en dat is anders dan het klikken op een schermpje. Van klimmen in het rek leer je hoe je lijf werkt en wat je ermee kunt (grove motoriek). Et cetera.’

 

 

 

Leren

Er wordt nog vaak gedacht dat kinderen leren van een scherm. Onterecht, vindt Okma. ‘Het spelen op een scherm is leuk en zorgt voor vermaak, maar jonge kinderen leren hier niet of nauwelijks iets van. Het leren gebeurt daarbuiten. Uit onderzoek blijkt dat ouders soms overschatten wat jonge kinderen leren van een scherm. Ze denken bijvoorbeeld dat jonge kinderen dingen leren van het zelfstandig naar YouTube-filmpjes kijken, terwijl dit niet zo is.’

 

 

 

Eerste telefoon

Nederlandse kinderen zijn gemiddeld tien jaar oud wanneer ze hun eerste telefoon of tablet krijgen. Maar van de vijf- tot tienjarigen heeft de helft al een eigen smartphone, blijkt uit het onderzoek. Het moeilijke is dat ouders van nu zelf vaak niet zijn opgegroeid met schermen en moeten daarom zelf de regels bepalen voor het gebruik ervan. Meer dan de helft van de ondervraagde ouders geeft toe zelf ook te veel online te zijn.

 

 

 

Mediaopvoeding

Hoe geef je als professional toch het goede voorbeeld? Mediawijzer.net ontwikkelde de MediaDiamant, een soort schijf van vijf voor mediaopvoeding. Okma ligt de vijf pijlers toe.

  1. Plezier – ‘Genieten van media is leuk. Kijk ook naar dingen die kinderen met media kunnen maken, zoals een tekenfilmpje van een poppetje dat je eerst zelf hebt getekend met een app als StopMotion. Of apps die de wereld op het scherm met die daarbuiten met elkaar verbinden: een speurtocht buiten met een app; de voortgang van je moestuintje bijhouden met een app of een eigen kookboekje maken, het kan allemaal. Onder andere op de website mediasmarties vind je tips voor allerlei leuke en creatieve apps voor kinderen.’
  2. Veilig – ‘Zorg ervoor dat kinderen veilig gebruik maken van media. Bij jonge kinderen kan filtersoftware helpen. Stel bijvoorbeeld de veilige modus van YouTube in. Of maak een mapje met daarin filmpjes en apps die je met zorg hebt uitgezocht en waarvan je weet dat ze leuk en veilig zijn voor kinderen. Als kinderen alleen toegang hebben tot dit mapje, weet je dat de media die ze zien geschikt zijn.’
  3. Samen – ‘Kijk regelmatig mee op het scherm en laat kinderen vertellen wat ze aan het doen of maken zijn. Je kunt ook vragen stellen om bijvoorbeeld het inlevingsvermogen van kinderen te trainen. Hoe kijkt Pietje hier? Blij of boos? Wat denk je dat Marietje nu gaat doen?’
  4. Inhoud – ‘Bij het kiezen van leuke apps, games en filmpjes kan het goed zijn om ervaringen van andere ouders en professionals na te lezen. Bijvoorbeeld door reviews op te zoeken of via een website als nl. Jonge kinderen leren veel van herhaling en vinden dit ook leuk: ze leren de structuur van een verhaal herkennen en ontdekken zo steeds weer nieuwe dingen. De voorspelbaarheid geeft ook een gevoel van controle: ik weet hoe het verhaaltje nu verder gaat. Dat vinden jonge kinderen fijn.’
  5. Balans – ‘Ouders en professionals zijn vaak op zoek naar richtlijnen voor het aantal minuten dat kinderen per leeftijd per dag op een scherm mogen. Alleen laat onderzoek dus zien dat de praktijk vaak heel anders is. In plaats van een kwartiertje tot half uur, besteden ook jonge kinderen al snel twee uur per dag op een scherm. Beter is het te focussen op een goede balans: dat er naast schermtijd nog genoeg tijd overblijft voor andere dingen en om indrukken te verwerken (slapen). Vaak weet je zelf eigenlijk wel wanneer de balans zoek is, als opvoeder. Kinderen zijn dan teveel gefocust op het scherm of gaan na een tijdje onderuit zakken of veel ruzie maken over wie er op het scherm mag of over wat er op het scherm gebeurt. Dan weet je dat het tijd is om iets anders te gaan doen. Voor kinderen is het wel fijn als ze even af kunnen maken waar ze mee bezig zijn en van tevoren een seintje krijgen. Dat maakt het makkelijker om te stoppen en zo is er minder strijd.’