Terug naar al het laatste nieuws
Laatste nieuws

Signaleer kindermishandeling bij het jonge kind

Ook heel erg kleine kinderen krijgen soms te maken met verwaarlozing, misbruik of geweld.

Als pedagogisch medewerker of gastouder ben je een ontzettend belangrijke schakel om kindermishandeling te signaleren en zo erger te voorkomen. Maar hoe doe pak je dat aan? Stichting Augeo geeft advies.

Als werker in de kinderopvang raak je, na de kraamzorg en het consultatiebureau, als een van de eerste professionals betrokken in het leven van jonge ouders en hun baby. De eerste levensjaren van kinderen zijn ontzettend belangrijk voor hun verdere ontwikkeling. Bij de meeste kinderen gaat dit goed. Maar er zijn ook kinderen wiens ontwikkeling beschadigd raakt omdat ze opgroeien in gezinnen waar te weinig aandacht of zorg voor ze is of waar ze geweld meemaken. Voor pedagogisch medewerkers en gastouders is het daarom belangrijk dat ze de vaardigheden hebben om zorgen te signaleren en ze te bespreken binnen de organisatie en met de ouders.

 

 

Om schade te voorkomen, is het van belang dat dit signaleren en actie ondernemen tijdig en zorgvuldig gebeurt. Het gebruik van de meldcode bij signalen van kindermishandeling of huiselijk geweld is sinds 2013 daarom wettelijk verplicht voor professionals in onder andere de zorg, het onderwijs en de kinderopvang. De stappen van de meldcode doorloopt een professional nooit alleen. Niet voor niets is er stap 2 in de meldcode waarin de professional eerst advies vraagt en iemand met zijn of haar waarnemingen mee laat kijken. Bespreek je zorgen dus altijd met een collega en je leidinggevende of gastouderbureau. Vraag zo nodig advies bij Veilig Thuis.

 

 

Signaleren bij baby’s en peuters

 

 

De eerste jaren staat de hechting van een kind aan zijn ouders centraal in zijn of haar ontwikkeling. Deze relatie vormt een blauwdruk voor de relaties die zullen volgen. Voor sommige ouders is deze eerste kwetsbare periode erg zwaar en zij hebben extra steun nodig. Hier kunnen meerdere oorzaken voor zijn.

 

 

Huilbaby

 

 

Een van die oorzaken kan zijn dat een baby extreem veel huilt en dat troosten niet helpt. Ouders kunnen hierdoor aan zichzelf gaan twijfelen en zich onmachtig voelen. Het zorgt voor stress en vermoeidheid en ouders ervaren een huilbaby vaak als falen; ik ben geen goede ouder, ik begrijp mijn kind niet etc. Als ouder en kind niet goed op elkaar ingespeeld raken, kan dit van invloed zijn op de hechtingsrelatie. Bovendien kan de frustratie leiden tot geweld.


In Nederland geeft 1 op de 20 ouders aan zijn baby wel eens te slaan, schudden of smoren in reactie op huilen. Naar schatting komen er jaarlijks 25 tot 40 kinderen naar het ziekenhuis met ernstig letsel als gevolg van schudden en overlijden er jaarlijks 3 à 4 kinderen aan de gevolgen hiervan. Aarzel als professional dus niet om signalen bespreekbaar te maken, ouders te ondersteunen en hen zo nodig te verwijzen naar passende hulp. In dit gratis korte online leerbericht leer je meer over hoe jij ouders van een huilbaby kunt steunen.


Oudersignalen

 

 

Ook andere oorzaken kunnen maken dat de babytijd stressvol is voor sommige ouders. Het risico op mishandeling en verwaarlozing hangt vooral samen met ouderfactoren als zelf als kind mishandeld zijn, psychische ziekte, verslaving, verstandelijke beperking of ernstige financiële- of relatieproblemen. Ook eigen ervaringen van ouders kunnen een rol spelen. Als je zelf als kind nooit gekoesterd bent of zelf te veel problemen hebt, kan het moeilijk zijn open te staan en aan te voelen wat je kind nodig heeft en hierop in te spelen. Een risico dus voor een veilige hechtingsrelatie.

 

 

Manon van der Hidde, gezinsadviseur bij Veldhuizen Stichting Kinderopvang Plus: ‘Wij zien veel ouders die zelf ook geen goed voorbeeld hebben gehad en nu emotioneel niet beschikbaar kunnen zijn voor hun kinderen. Of je het aan het kind merkt is heel verschillend. Een signaal kan zijn dat een kind uren rustig in de box ligt, niet lacht en niet huilt en ook niet speelt. Of een kind dat op iedereen afloopt en geen voorkeur daarin heeft. Maar vaak heb je vooral zorgen door het gedrag van ouders of de interactie met het kind. Juist omdat we vroeg willen signaleren, zorgen we dat onze medewerkers goed geschoold zijn in de stappen van de meldcode.’

 

 

Dit betekent voor het signaleren, zeker bij jonge kinderen, dat juist de signalen in het gedrag van ouders en in de interactie tussen ouder en kind van belang zijn. Denk bijvoorbeeld aan een ouder die weinig of geen contact maakt met een baby, een ouder die ’s middags al naar alcohol ruikt of een ouder die zich niet in een peuter kan verplaatsen en peuterdwarsigheid ervaart als pesten. Ook als het met het kind ogenschijnlijk nog goed gaat, kunnen deze oudersignalen voldoende aanleiding zijn om in actie te komen door de stappen van de meldcode te volgen. Dat dit juist bij jonge kinderen van groot belang is, is duidelijk. Wacht niet op (meer) kindsignalen, want dan ben je vaak te laat. Ouderproblemen zijn, zeker in deze fase, kindproblemen.

 

 

Bespreken met ouders

 

 

Deze ouders hebben vaak extra steun en hulp nodig. Door dit al in de babytijd te signaleren en samen met ouders op te pakken kun je als professionele gastouder veel voor deze gezinnen betekenen. Veel professionals in de kinderopvang vinden het lastig om zorgelijke signalen met ouders te bespreken. Bij een inventarisatie onder kinderdagverblijven in Amsterdam naar het gebruik van de meldcode bleek dat bij ongeveer de helft van de leidinggevenden en een derde van de pedagogisch medewerkers de angst om ouders vals te beschuldigen meespeelde[1].

 

 


Meer tips voor een gesprek met ouders:

  • Bespreek het gesprek vooraf met een collega, leidinggevende bemiddelingsmedewerker of Veilig Thuis
  • Benoem je waarnemingen zo transparant en zo vroeg mogelijk en leg uit waarom je daar zorgen over hebt.
  • Formuleer zorgvuldig wat je opvalt en vraag of ouders dit herkennen.
  • Sta open voor het verhaal van ouders, luister naar wat ouders je vertellen, gebruik hun deskundigheid als ouder en vraag wat ze nodig hebben. Neem ouders serieus.
  • Benoem onmacht die je ziet zonder dit te veroordelen.
  • Bedenk: hoe langer je een gesprek met ouders uitstelt hoe moeilijker de boodschap voor de ouder vaak wordt om te verteren.
  • Dit alles neemt niet weg dat een ouder zich wel beschuldigd kan voelen. Maak ook dit is bespreekbaar.

 

 

Dit artikel is geschreven door Roely Drijfhout van Stichting Augeo. Augeo is een stichting zonder winstoogmerk die ervoor wil zorgen dat kinderen veilig en gezond opgroeien en wil dat iedereen die met ouders en kinderen werkt, stressvolle opgroeisituaties signaleert en aanpakt. Voor meer informatie: www.augeo.nl/kinderopvang

 

 

[1] Durven signaleren : naar een effectiever gebruik van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang / E.A. Leyen, M. Isaac / GGD Amsterdam. Infectieziekten. Hygiëne & Inspectie, 2016