
Lenie van den Hoek-Engel: “Vroeg erbij zijn bepaalt in belangrijke mate het succes van een behandeling”
Haar onderzoekswerk ging vrijwel altijd over eet-, drink- en slikproblemen bij zuigelingen en jonge kinderen. “Dit betreft de orale motoriek. De diagnostiek en behandeling hiervan behoren tot de taken van de logopedist.” Over dit onderwerp heb ik meegewerkt aan minstens dertig wetenschappelijke publicaties.” Een opvallende door haar bewerkstelligde vernieuwing is de aanpak van kinderen met spierziekten. “Kinderen met spasticiteit hebben coördinatieproblemen en verslikken zich regelmatig, waardoor ze voeding in hun longen krijgen. Het indikken van de voeding is een bekende manier om dit te voorkomen. Maar we ontdekten dat kinderen met een spierziekte door hun verzwakte spiermotoriek deze dikkere voeding niet weg kregen en juist meer problemen hadden. Dus bij kinderen met een spierziekte moet je de voeding niet indikken, maar juist heel dun houden. Deze kennis is binnen de behandeling van kinderen met slikproblemen een enorme stap vooruit geweest.”
Scores
Op het gebied van het behandelen van eetproblemen zijn soortgelijke successen geboekt, altijd op basis van onderzoek. Invalshoek was in veel gevallen gewoon kwantitatief naar problemen te kijken. “Dat deden we met scores. Bijvoorbeeld: wanneer kan een kind van de lepel eten? Maar voorop stond telkens eerst goed kijken naar wat er nu precies gebeurt. Aan de hand van de uitkomsten wisten we zo heel nauwgezet wat bij een kind aandacht nodig had. Vervolgens hebben we onze bevindingen uitgewerkt in adviezen voor onder meer het eten van de lepel, het kauwen en de speekselcontrole.. Voor al die aspecten zijn inmiddels hulpmiddelen ontwikkeld voor zorgverleners.”




